Beestjes - Kæla
Kæla de bonte boer kwam in augustus 2004 deel uitmaken
van mijn huishouden. Ze was op dat moment anderhalf jaar oud en had al een en ander
meegemaakt.
Op
19 april 2003 is ze gekocht in papegaaienspeciaalzaak Rijo. Haar leeftijd was toen 10 a 12
weken. Bij haar eerste baasje ging het heel goed, totdat er een serieuze relatie in beeld
kwam. Kæla, die toen Kika heette, werd erg jaloers en begon agresief gedrag te vertonen
en te schreeuwen. Toen het moment kwam dat haar baasje en nieuwe bazin hier niet meer
tegen konden wilden familieleden haar opvangen. Echter, Chris en Birgitta hadden zelf ook
al vogels. Kæla ging daarom eerst naar de ouders van Chris en Birgitta. Vanuit daar werd
ze getest op PBFD. Tijdens het afnemen van het bloed is ook endoscopisch gekeken welk
geslacht Kæla had en ze bleek een popje te zijn.
Nadat Kæla gezond was verklaard begon haar logeerpartij bij Chris en Birgitta. Inmiddels
hadden zij wel besloten Kæla niet zelf te kunnen houden. Ze hadden zelf al twee kleine
geelfkuif kaketoes en een grijze roodstaart en vonden dat voldoende. De kweker van de
grijze roodstaart Jari, ook een goede vriendin van mij stuurde daarom een email naar al
haar bekenden met de vraag of iemand een bonte boer hebben wilde. En ja, dat wilde ik wel!
Het probleem was alleen dat ik vlak voor een vier maanden duurende buitenland stage zat.
Grasparkieten Kika en Kwiebus zouden dan bij mijn ouders logeren, maar om daar een
onbekende papegaai bij achter te laten? Nee, dat was niet verstandig. Gelukkig vonden
Chris en Birgitta het heel belangrijk dat Kæla een goed tehuis kreeg en zij wilden dan
ook die vier maanden voor Kæla zorgen. Dus ik ging op stage en telde de dagen af totdat
ik Kæla op kon gaan halen!
Eenmaal bij mij thuis toonde Kæla zich een
vrolijke, zelfverzekerde en keurig opgevoede papegaai. In de maanden bij Chris en Birgitta
had ze netjes leren opstappen en dit bleef ze ook bij mij keurig doen. We leerden elkaar
goed kennen en werden echte vriendjes! Kæla was bij haar eerste baasje gekortwiekt
geweest, maar ze kreeg door de rui haar vliegvermogen terug en vermaakte zich daar ook
prima mee. Voor naar buiten te gaan had ik een tuigje en een oude konijnenkooi die
speciaal voor haar ingericht was voor in de achtertuin.
Alles ging goed, maar toen kwam er ook bij mij een serieuze relatie. En ook dit keer was
Kæla er absoluut niet blij mee. De eerste bezoekjes van mijn vriend Tjerk waren zoals
altijd aanleiding voor haar om zich lekker uit te sloven. Maar toen ze doorkreeg dat hij
bleef veranderde ze.
Al vrij snel begon ze hem ook aan te vliegen en deed daarbij gerichte aanvallen naar zijn
hals. Haar gedrag was heel erg onvoorspelbaar. Zo zat ze op haar gemakje bij mij, zo vloog
ze Tjerk aan. Wat ik ook probeerde, ze was me veel te vaak te vlug af en had Tjerk dan al
weer te pakken. En Tjerk zijn vertrouwen werd daar natuurlijk niet beter van. Uiteindelijk
kwam Kæla de kooi steeds minder uit en werd het er niet gezelliger van. Dus na advies
vragen en nadenken hebben we Kæla weer gekortwiekt. In eerste instantie kon ze nog een klein beetje vliegen, maar dat
benutte ze nog teveel, dus we moesten nog bijknippen. Het duurde wel even voordat Kæla
besefte wat de consequenties voor haar waren. Ze kon niet meer ergens zelf komen, dus was
afhankelijk van ons. En ik was opeens niet meer zo lief voor haar. Ik nam wat afstand, om
Kæla de ruimte te geven verder te kijken dan alleen mij. We waren teveel vriendjes
geworden om plek over te laten voor iemand anders, dus het moest iets minderen. Heel
langzaam gebeurde er toen twee dingen. Kæla ging beseffen dat Tjerk erbij was gaan horen
en ook iets leuks voor haar betekende (eten, kletsen, aandacht), Tjerk ging beseffen dat
Kæla ook hele leuke kanten had en niet alleen agressie in haar had. Het heeft een tijd
geduurd en veel inzet van Tjerk gevraag, maar zo werden ze vriendjes.
In september 2005 gingen Tjerk en ik samenwonen en verhuisden de vogels en ik dus terug
naar IJsselstein. De verhuizing maakte niet bijzonder veel indruk op Kæla en ze had haar
draai alweer snel gevonden. Al snel kwam ze weer in de rui en kwamen haar vleugelpennen
langzaam terug. Ze kon alweer een flinke afstand vliegen. Ze werd daardoor ook wel weer
wat dwarser, omdat ze vond dat ze ons minder nodig had. Maar tussen haar en Tjerk ging het
nog steeds heel erg goed. Een bonte boer is nou eenmaal een pittige vogel en dat vinden we
ook juist zo leuk aan Kæla. Haar eigen karakter mag hier de ruimte krijgen.
In december 2006 zijn we naar Akkrum
verhuisd. Naar een rijtjeshuis met een tuin. Dat betekend meer speelruimte! Boven in de
computerkamer staat een speelplek waar de vogels kunnen vertoeven als wij achter de
computer zitten. Beneden in de woonkamer kan lekker rondgevlogen worden. Als ik voor in de
tuin bezig ben zet ik Kæla in de kleine kooi buiten. Zijn we hele dagen thuis met mooi
weer zetten we haar in haar eigen kooi buiten of mag ze in de voliere die we voor Kwiebus
en Kjáni hebben gebouwd. Haar nieuwe buurman Charlie, de grijze roodstaart die in
februari 2007 bij ons kwam wonen vind ze (ook al) niet zo aardig, maar ze hebben wel wat
gezelligheid aan elkaar. Wanneer de een bijvoorbeeld in de etensbak gaat kijken voor iets
lekkers hoopt de ander dat er ook wat in zijn/haar bakje ligt. Op die manier hebben ze
toch wel prikkels van elkaar die ze stimuleren.
We proberen haar ook lekker bezig te houden. Ze krijgt regelmatig nieuw speelgoed, de kooi
word elke paar weken helemaal opnieuw ingericht, ze gaat mee douchen, we hebben elkaar een
paar kunstjes aangeleerd, ze heeft een klimboom om op te spelen en ga zo maar door.
Vergeet ik bijna nog poes Otje die ze met veel plezier uitlokt tot een knokpartijtje (wat
Otje niet aandurfd), het vliegen door de woonkamer, het slopen van allerlei spullen die
eigenlijk nog heel lang mee moeten.
Praten kan Kæla heel goed! Ze doet het
alleen bijzonder weinig! Fluiten doet ze wel heel vaak. Ze kent vele verschillende
fluitjes, piepjes, een telefoon, een magnetron en sms-geluid. Voordat Tjerk in beeld kwam
kletste ze vrij veel als ik alleen met haar was. Zo heel af en toe, als ik alleen thuis
ben praat ze ook weer. Haar woordenschat omvat: kusje, stap eens op, kom dan, hallo, ja en
telefoon. Vroeger kon ze meer, maar dat zegt ze al zo lang niet meer dat ik niet meer weet
wat ze allemaal kon. Als Tjerk aan de telefoon is, dan kletst ze wel met hem mee. Elke
keer als hij iets zegt, dan zegt ze heel gedecideerd "ja". Wanneer wij hoesten
of niesen, dan hoest of niest Kæla met ons mee alsof ze een ernstige longontsteking onder
de leden heeft!
Kæla blijft zo door de jaren heen een pittige tante met een heel eigen karakter. Ze is
niet snel ergens bang voor, vind het heerlijk om op ontdekkingstocht te gaan en geniet van
de tijd die we met haar doorbrengen. Even dachten we haar kwijt te gaan raken door erg
ongunstige bloeduitslagen, maar gelukkig herstelde de uitslagen zich weer en ziet het er
naar uit dat we nog heel erg lang van ons mopje mogen genieten!
|